Enveloppen album les #4 inserts en pockets

Je bent nu aangekomen op het punt dat je denkt… is dit het? Klopt! Komt helemaal goed hoor! We gaan nu het boekje vullen. Na deze stap voelt het boekje al veel voller en beter aan.


Er komt veel meet en snijwerk aan te pas voor deze stap. Om het simpel te houden heb ik alle kaarten voor dezelfde enveloppen hetzelfde gesneden. Ik heb voor wit cardstock gekozen om het geheel lekker fris te houden. Dit zijn de afmetingen wat er gesneden wordt.

Afmetingen
  • Insert voor de grote enveloppen: 2x 29,5×14 cm, dubbelvouwen 2x 12×30 cm, dubbelvouwen
  • Inserts voor de kleine enveloppen:1x 20,5x7x5 cm, dubbelvouwen 1x 10,6×7,5 cm (oftewel een 3×4 kaartje!)
  • Tags voor de kleine pockets:1x 7,7×11,5 cm
  • inserts voor de kant en klare enveloppen: 5x 9×14 cm (mocht je hier kaarten in willen dan 9×28 en dubbelvouwen)
  • Tags voor de kant en klare enveloppen: 4x 7×14

daarnaast heb ik de standaard enveloppen voorzien van papier waardoor er extra pockets ontstaan. Dit papier is 11×14,6 cm. Je hebt dit formaat 7x nodig. Ik heb hiervoor papier uit mijn 6×6 peperpad gebruikt.

Dit papier ga je aan de voor en achterkant van de (kant en klare) enveloppen plakken. De voorkant van de envelop, daar plak je het papier aan de zij en onderkanten vast. Lijm zo dicht mogelijk op de randen en laat het midden en bovenin vrij van lijm. Om de tags of inserts die je er van bovenaf in steekt makkelijk te pakken pons je een stukje cirkel uit het papier aan de bovenkant.

Aan de achterkant van de envelop (waar normaal de flap dicht gaat) daar plak je het papier enkel aan 1 zijkant en boven en onder vast. Je voorziet de rand van de envelop ook van lijm. Hierdoor voorkom je dat je insert tussen je papier en de envelop wordt geschoven. Ook hier haal je een stukje cirkel uit je papier om makkelijk bij je insert te komen. Uiteraard kun je ook een inkeping knippen, of een andere vorm zoals een hexagon, label, ster etc gebruiken.